
Geschiedenis omwille van de geschiedenis. Een oude professor van mij spotte altijd met dat idee. Geschiedenis schrijven moest een doel dienen, of het nu was om de misstanden uit het verleden recht te zetten of om de huidige generatie een les te leren die belangrijk was om de hedendaagse tijdgeest te versterken - als product van de '68'ers betekende versterken altijd: progressiever maken.
In zijn beroemde boek Duiwelskloof liet de Zuid-Afrikaanse schrijver André P. Brink een van de personages reflecteren op het idee dat de geschiedenis een instrument is, maar een instrument dat onvoorspelbaar en moeilijk te hanteren is: “Kyk, aan môre kan mens niks doen nie. Hy kom soos hy kom. Al waarmee jy nog iets kan uitrig is gister. Maar die ding met gister is: hy bly nooit lê nie, jy moet hom altyd van voor af platslaan.”
Dekolonisatieproces van Nederlands-Indië
Dit is vooral van toepassing op de betwiste geschiedenis van het dekolonisatieproces van Nederlands-Indië van 1945-1950. Vanaf de jaren zestig is deze periode een terugkerend thema geweest voor het historisch debat in het land, waarbij de discussie over het gebruik van excessief geweld door Nederlandse militairen gedurende de decennia regelmatig oplaaide - totdat het narratief vooral nog maar een kant wilde belichten, die van het excessieve geweld.
Daarom is het boek - Het pijnlijke afscheid van de Indische Archipel: Trauma - Discussie - Eerherstel - dat op 17 april in Nieuwspoort gepresenteerd werd van belang: het probeert, eindelijk, een tegenwicht te bieden aan het dominante rabiate en moralistische gedachtegoed. Voor Bauke Geersing, de redacteur van het boek, vormt eerherstel voor veteranen in het dekolonisatieproces een belangrijke aspect. Het werk is dan ook een reactie op het door de overheid gefinancierde publicatie Over de Grens: Nederlands extreem geweld in de Indonesische onafhankelijkheidsoorlog, 1945 - 1949. De titel spreekt boekdelen.
De antikoloniale ideologie
De Nederlandse regering stelde in 2016 onderzoekskaders voor deze studie, waaronder dat het onderzoek breed moest zijn, objectief, én geplaatst binnen de internationale en historische context en niet gericht op het gebruik van excessief geweld door Nederlandse militairen. De instellingen die de opdracht kregen een nieuwe canon over deze periode van de Nederlandse geschiedenis te produceren, werden echter specifiek geselecteerd op basis van hun (postmoderne) antikoloniale ideologie[1] waardoor de publicatie zich nu juist richt op het gebruik van excessief geweld door Nederlandse soldaten: oorlogsmisdadigers, simpel, daders. En de andere kant - niet minder gewelddadig - wordt geportretteerd als dappere vrijheidsstrijders en slachtoffers. In de loop van het zes jaar durende "onderzoek" heeft de Nederlandse regering op geen enkel moment gepoogd om het onderzoek terug te brengen naar de oorspronkelijke vraag. Zij accepteerden eenvoudigweg de uitkomst van de publicatie, dat de Nederlandse militairen schuldig waren aan structureel excessief geweld, en bood de Indonesische regering - zonder voorafgaand overleg met het Nederlandse parlement - haar excuses aan.
Dit is de versie van de dekolonisatieperiode dat het nieuwe officiële verhaal moet gaan worden: gepresenteerd in musea, besproken op televisie en onderwezen op school. Een geschiedenis van geweld en onderdrukking waarvoor we ons zouden moeten schamen en het liefst ook nog voor zouden moeten betalen. Moralistische, antikoloniale propaganda - meer niet. Geschreven zoals mijn oude geschiedenisprofessor zou hebben goedgekeurd; activistisch, geëngageerd, geschiedenis met als doel om iets recht te zetten. En dat betekent altijd: oikofobe bekrompenheid.
Het was een politieke afrekening gedreven door de antikoloniale ideologie van de auteurs zonder zelfs maar enige poging tot objectiviteit. Een mes in de rug van onze veteranen en de Indische gemeenschap - van wie velen de bloedige en gewelddadige periode van de Bersiap overleefden of familieleden hadden die dat niet deden. Dit is een gemeenschap, waarvan sommigen al generaties lang in Nederlands-Indië waren, die hun land - hun thuis - moesten ontvluchten; wetende dat ze niet terug konden keren. Het was een tragisch verlies voor de Indische Nederlanders en voor Nederland.
Terugwinnen van de geschiedenis
Het pijnlijke verlies van de Indische Archipel, daarentegen, is geschreven met de onderzoekskaders die aanvankelijk door de Nederlandse regering waren vastgesteld en waar het Kabinet 4 miljoen euro voor had uitgetrokken. Maar dit onderzoek, verricht zonder overheidssubsidie, heeft nu extra betekenis, omdat een poging wordt gedaan de eer te herstellen van die 200.000 soldaten die vochten om Nederlandse, Indische en ook Indonesische levens te beschermen. Deze 200.000 mannen waren geen oorlogsmisdadigers maar helden, zoals werd bevestigd door de emotionele verhalen van veteranen en historici die aanwezig waren bij de boekpresentatie in Nieuwspoort. Deze publicatie is een noodzakelijke manier om een geschiedenis terug te winnen die is gekaapt door politici en academici in ivoren torens en Indonesische activisten met hun eigen antikoloniale agenda.
Naarmate er nieuwe ideologieën ontstaan die moralistische politiek en politieke afwegingen aansturen, ontstaan er ook nieuwe versies van het verleden. Maar de verhalen die worden herschreven behoren toe aan mensen, aan naties die ze willen en moeten koesteren. Deze verhalen zijn nooit objectief. We hebben een keuze in hoe we ze ons herinneren, hoe we ze presenteren, en voor welk doel we ze gebruiken. Politici, geïnformeerd door academici, kiezen uiteindelijk wat de officiële verhalen zullen zijn. Het is daarom beschamend dat Nederland een natie is geworden die haar veteranen criminaliseert, waar veteranen zich moeten verdedigen en verontschuldigen voor de offers die zij hebben gebracht, en waar Indische Nederlanders hun geschiedenis, zelfs hun bestaan, uit het publieke bewustzijn zien verdwijnen. Als natie moet Nederland trots zijn op zijn eens zo grote ontdekkingsgeest en de koloniën die het ooit opeiste. Het moet trots zijn op zijn veteranen en hen eren - zoals andere landen dat doen. Schaamte als dominant narratief hoort niet thuis in een nationale geschiedenis. Zorgvuldige reflectie over de donkere bladzijden uit de geschiedenis van een natie is essentieel, maar mag het historisch bewustzijn niet domineren.
Het is tragisch dat de mensen aan wie deze geschiedenis toebehoort en die haar niet uitgewist willen zien en haar op hun manier willen herinneren, onder vuur zijn komen te liggen van woke, antikoloniale journalisten en academici in wier versie van de geschiedenis deze specifieke doorleefde ervaring of postmemory geen plaats heeft. De herinneringen van degenen die hun land verloren tijdens deze gewelddadige periode worden door deze ivorentorenideologen bestempeld als "alternatieve feiten".[2] Het is daarom essentieel dat de vrijheid om deze verhalen te schrijven en te herdenken, vrij van de huidige moralistische ideologieën, blijft bestaan, dat we de Nederlandse veteranen en Indische Nederlanders voor wie deze geschiedenis persoonlijk is, respecteren en eren. Het is aan Indonesië om de dekolonisatie te herdenken zoals zij dat willen. Het is aan ons om onze geschiedenis te schrijven en te herdenken.
[1] Frank van der Vree, Notitie: ‘Termen, Stemmen en Perspectieven’, 30 oktober 2020
[2] Ewout Klei, “Rechtse historici komen met alternatieve feiten over Indonesië", De Kanttekening, https://dekanttekening.nl/blendle/rechtse-historici-komen-met-alternatieve-feiten-over-indonesie/
Gerelateerde artikelen
NieuwsNa Mali en Burkina Faso … vandaag Niger … en morgen Tsjaad …
Voor een van de grootste experts op het gebied van de geschiedenis van Afrika, de Franse historicus Bernard Lugan, komen de recente ontwikkelingen in Niger niet uit de lucht vallen. Daarbij met de vin...
NieuwsNietzsche’s ‘laatste mens’ blijkt maakbaar
Nu bijna 35 jaar geleden verscheen ‘The End of History?’, het artikel waarmee de Amerikaanse politicoloog Francis Fukuyama zich wereldfaam verwierf.[1] Hij beweerde daarin dat de geschiedenis had aang...
NieuwsFVD: pro- of antifascistisch?
Begin dit jaar verscheen bij uitgeverij Boom te Amsterdam een heruitgave van het standaardwerk van historicus Robin te Slaa, getiteld Fascisme: Oorsprong en ideologie. In dit boek zijn de nieuwste inz...
Nieuwsbrief
Blijf op de hoogte.
Onze nieuwste analyses, essays en aankondigingen over wetenschap, cultuur en de geschiedenis van ideeën, rechtstreeks in uw inbox. Geen spam. Geen reclame.